ECLI:NL:RBDHA:2021:15818
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrondverklaring beroep tegen niet-ontvankelijkheid opvolgende asielaanvraag wegens onvoldoende aannemelijkheid nationaliteit
Eiser heeft eerder een asielaanvraag ingediend waarbij zijn Zuid-Afrikaanse nationaliteit en identiteit geloofwaardig zijn bevonden op basis van een authentiek paspoort. In een opvolgende aanvraag heeft eiser betoogd dat hij uitsluitend de Zimbabwaanse nationaliteit bezit en dat het Zuid-Afrikaanse paspoort frauduleus is verkregen. Ter onderbouwing heeft hij authentieke Zimbabwaanse documenten overgelegd.
De staatssecretaris heeft de opvolgende aanvraag niet-ontvankelijk verklaard omdat eiser geen nieuwe elementen heeft aangevoerd die afwijken van de eerdere procedure en blijft uitgaan van de eerder vastgestelde Zuid-Afrikaanse nationaliteit. De rechtbank overweegt dat eiser aannemelijk moet maken dat het Zuid-Afrikaanse paspoort frauduleus is, hetgeen niet is gelukt.
Hoewel de Zimbabwaanse documenten authentiek zijn, bieden deze onvoldoende grond om de eerdere vaststelling te herzien. Daarnaast is er een reële verdenking van mogelijke documentfraude met Zimbabwaanse documenten. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en het bestreden besluit blijft in stand.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot niet-ontvankelijkheid van de opvolgende asielaanvraag blijft in stand.