Uitspraak
Rechtbank den haag
1.Beslissing
- € 3.093,37 bruto aan gefixeerde schadevergoeding;
- € 2.313,47 bruto aan transitievergoeding;
- € 2.500,= bruto aan billijke vergoeding;
- € 877,06 aan buitengerechtelijke incassokosten;
Rechtbank Den Haag
De werknemer is op 26 juli 2021 op staande voet ontslagen door Aspatec Holland B.V. wegens langdurige ongeoorloofde afwezigheid en onbereikbaarheid. De rechtbank oordeelt dat de aangevoerde redenen niet als dringende redenen in de zin van artikel 7:678 BW Pro kunnen worden aangemerkt en dat het ontslag niet onverwijld is gegeven. Tevens is onvoldoende gebleken dat overleg tussen partijen niet meer mogelijk was.
De werknemer berust in het ontslag, maar vordert diverse vergoedingen waaronder achterstallig loon, een gefixeerde schadevergoeding, transitievergoeding en een billijke vergoeding. De rechtbank wijst het achterstallige loon toe, vermeerderd met wettelijke rente en een wettelijke verhoging van 10%. De vordering tot betaling van niet genoten verlofuren wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing.
De gefixeerde schadevergoeding en transitievergoeding worden toegewezen omdat het ontslag onterecht was. De billijke vergoeding wordt vastgesteld op € 2.500 bruto vanwege het ernstig verwijtbaar handelen van de werkgever. De werkgever wordt tevens veroordeeld tot het verstrekken van een deugdelijke loonspecificatie en tot betaling van buitengerechtelijke incassokosten en proceskosten.
Uitkomst: Ontslag op staande voet onterecht; werknemer ontvangt achterstallig loon, schadevergoeding, transitievergoeding en billijke vergoeding.