ECLI:NL:RBDHA:2021:16391
Rechtbank Den Haag
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen maatregel van bewaring en inreisverbod wegens illegale uitreis
De rechtbank Den Haag behandelde het beroep van eiser tegen een maatregel van bewaring en een terugkeerbesluit met inreisverbod opgelegd door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. De maatregel was gebaseerd op het risico dat eiser zich aan toezicht zou onttrekken, omdat hij illegaal probeerde uit te reizen naar het Verenigd Koninkrijk via een boot in Nederlandse territoriale wateren.
Eiser betwistte de zware gronden voor bewaring, maar de rechtbank stelde vast dat de situatie vergelijkbaar was met jurisprudentie over 'inklimmers' die Nederland niet op voorgeschreven wijze binnenkomen en zich aan toezicht onttrekken. De rechtbank oordeelde dat deze gronden feitelijk juist en voldoende gemotiveerd waren.
Verder voerde eiser aan dat een lichter middel had moeten worden toegepast, omdat hij bereid was mee te werken aan terugkeer. De rechtbank vond echter dat de persoonlijke omstandigheden waren meegewogen en dat het opleggen van een inreisverbod van twee jaar en een vertrektermijn van 0 dagen gerechtvaardigd was vanwege het risico op illegaal verblijf.
De beroepen werden ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep tegen de maatregel van bewaring en het inreisverbod ongegrond en wijst het verzoek om schadevergoeding af.