ECLI:NL:RBDHA:2021:16530
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublinverordening
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen, omdat Slovenië verantwoordelijk is voor de behandeling op grond van de Dublinverordening. Nederland heeft een verzoek tot terugname bij Slovenië ingediend, dat is aanvaard.
Eiser stelde dat bijzondere individuele omstandigheden, waaronder traumatische ervaringen in Slovenië en onvoldoende medische zorg, terugkeer onmogelijk maken. Tevens werd aangevoerd dat hij een covid-test zou weigeren, wat misbruik van recht zou vormen.
De rechtbank overwoog dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel geldt en dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de situatie in zijn geval anders is. De gestelde traumatische ervaringen en medische vrees zijn niet concreet onderbouwd. Ook het tijdelijke overdrachtsbeletsel vanwege corona is niet relevant voor de beoordeling van de verantwoordelijke lidstaat.
Daarom is het beroep ongegrond verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak kan binnen een week hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen is ongegrond verklaard.