ECLI:NL:RBDHA:2021:2129
Rechtbank Den Haag
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring beroep inzake dwangsombeschikkingen ongegrond verklaard
Opposant heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van beschikkingen door het dagelijks bestuur van de Intergemeentelijke Sociale Dienst Bollenstreek over de verschuldigdheid en hoogte van dwangsommen. De rechtbank heeft dit beroep niet-ontvankelijk verklaard omdat opposant het dagelijks bestuur niet eerst in gebreke had gesteld zoals vereist volgens artikel 6:12, tweede lid, Awb.
Tegen deze niet-ontvankelijkverklaring is verzet ingesteld. De rechtbank heeft in het verzet uitsluitend onderzocht of de niet-ontvankelijkverklaring terecht was en of de zaak op zitting had moeten worden behandeld. Opposant voerde aan dat vanwege een contactbeperking het niet van hem kon worden verwacht het dagelijks bestuur in gebreke te stellen.
De rechtbank oordeelt echter dat deze omstandigheid voor rekening en risico van opposant komt en dat er geen uitzonderingssituatie is zoals bedoeld in artikel 6:12, derde lid, Awb. Er zijn geen nieuwe gronden aangevoerd die het eerdere oordeel kunnen wijzigen. Daarom blijft de niet-ontvankelijkverklaring in stand en wordt het verzet ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het beroep wordt ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak blijft in stand.