ECLI:NL:RBDHA:2021:2137

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
25 februari 2021
Publicatiedatum
9 maart 2021
Zaaknummer
NL21.974, NL21.976, NL21.978
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing voorlopige voorziening tegen afwijzing asielaanvragen als kennelijk ongegrond

De rechtbank Den Haag behandelde op 5 februari 2021 de verzoeken om voorlopige voorziening van drie verzoekers tegen afzonderlijke besluiten van 20 januari 2021, waarbij de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid hun asielaanvragen in de algemene procedure had afgewezen als kennelijk ongegrond.

Tijdens de zitting, waarbij verzoekers werden bijgestaan door een gemachtigde en een tolk aanwezig was, en de verweerder werd vertegenwoordigd door zijn gemachtigde, werd het verzoek om voorlopige voorziening behandeld samen met andere zaken met vergelijkbare inhoud.

De voorzieningenrechter heeft bij uitspraak van dezelfde datum de verzoeken om voorlopige voorziening afgewezen, omdat reeds op de beroepen in de hoofdzaak was beslist. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Uitkomst: De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af tegen de afwijzing van de asielaanvragen.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummers: NL21.974, NL21.976 en NL21.978
v-nummers: [#], [#] en [#]

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[naam 1], verzoeker 1,
[naam 2], verzoekster 2
[naam 3], verzoeker 3
(gemachtigde: mr. M.M. Polman),
en

de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder

(gemachtigde: mr. E. Sweerts).

Procesverloop

Bij afzonderlijke besluiten van 20 januari 2021 (de bestreden besluiten) heeft verweerder de asielaanvragen van verzoekers in de algemene procedure afgewezen als kennelijk ongegrond.
Verzoekers hebben tegen de bestreden besluiten beroep ingesteld. Zij hebben verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
Het onderzoek ter zitting heeft, tezamen met de behandeling van de zaken NL21.973, NL21.975, NL21.977, plaatsgevonden op 5 februari 2021. Verzoekers zijn verschenen, bijgestaan door hun gemachtigde. Als tolk is verschenen T. Coric. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.

Overwegingen

Bij uitspraak van vandaag, zaaknummers NL21.973, NL21.975 en NL21.977, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op de beroepen. De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om die reden af.
Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. J.F.I. Sinack, voorzieningenrechter, in aanwezigheid vanmr. N.M.L. van der Kammen, griffier.
De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.