ECLI:NL:RBDHA:2021:2147
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot functieherwaardering medewerker Verbindungsstelle Koninklijke Marechaussee
Eiser, werkzaam als wachtmeester bij de Koninklijke Marechaussee, verzocht om een herwaardering van zijn functie als medewerker Verbindungsstelle in Duitsland, naar aanleiding van een functiewaarderingsonderzoek waarbij medewerkers GGC met terugwerkende kracht waren bevorderd.
Verweerder wees dit verzoek af omdat eiser andere werkzaamheden verrichtte dan de medewerkers GGC, en de functie van eiser feitelijk was komen te vervallen toen hij werd overgeplaatst naar Venlo. Eiser voerde aan dat zijn werkzaamheden gelijkwaardig waren aan die van de medewerker GGC, onder meer door het behandelen van informatieverzoeken en het ondersteunen bij vertaalkwesties.
De rechtbank stelde vast dat er geen formele functiebeschrijving van de functie Verbindungsstelle bestond, maar dat uit de overgelegde documenten en verklaringen bleek dat de werkzaamheden van eiser vooral bestonden uit het doorverwijzen van strafrechtelijke dossiers naar de juiste brigades, en niet uit het behandelen van informatieverzoeken op het terrein van illegale grensoverschrijding en verblijf.
De rechtbank concludeerde dat de functie van eiser niet vergelijkbaar was met die van de medewerker GGC, die meer en andere werkzaamheden verrichtte. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de functieherwaardering gehandhaafd.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot afwijzing van de functieherwaardering is ongegrond verklaard.