ECLI:NL:RBDHA:2021:2395
Rechtbank Den Haag
- Mondelinge uitspraak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens onvoldoende geloofwaardige asielmotieven
Eiser, van Gambiaanse nationaliteit, heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft deze aanvraag op 14 december 2020 afgewezen wegens onvoldoende geloofwaardigheid van het asielrelaas.
De rechtbank heeft het beroep van eiser tegen dit besluit behandeld op 29 januari 2021. Eiser stelde dat hij problemen had gekregen in Gambia nadat hij zijn stiefzus had geholpen met een abortus, maar zijn verklaringen waren onvoldoende onderbouwd en vertoonden tegenstrijdigheden.
De rechtbank oordeelde dat eiser voldoende gelegenheid had gehad om zijn verhaal toe te lichten, maar dat zijn verklaringen niet geloofwaardig waren. De rechtbank wees op tegenstrijdigheden, zoals het verschil tussen het verblijf thuis en het onderduiken voorafgaand aan zijn vertrek. Daarom verklaarde de rechtbank het beroep ongegrond en wees een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard vanwege onvoldoende geloofwaardige verklaringen.