ECLI:NL:RBDHA:2021:2886
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet-ontvankelijkheid verblijfsvergunning asiel wegens ontbreken nieuwe elementen
Eiser, een staatloze Palestijn geboren in Libanon, diende een herhaalde aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel. Verweerder verklaarde deze aanvraag niet-ontvankelijk op grond van artikel 30a, eerste lid, aanhef en onder d, van de Vreemdelingenwet 2000, omdat geen nieuwe elementen of bevindingen waren aangevoerd.
Eiser voerde aan dat de authenticiteit van de overgelegde documenten niet kon worden vastgesteld en verzocht om aanhouding van de procedure in afwachting van prejudiciële vragen aan het HvJEU. De rechtbank overwoog dat verweerder gemotiveerd had ingegaan op de zienswijze van eiser en dat de enkele herhaling daarvan onvoldoende was.
De rechtbank stelde dat eiser de authenticiteit van de documenten moet aantonen en dat verweerder de stukken inhoudelijk had beoordeeld. De rechtbank zag geen aanleiding tot aanhouding en oordeelde dat het beroep ongegrond was omdat de aanvraag terecht niet-ontvankelijk was verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring van de asielaanvraag is ongegrond verklaard.