ECLI:NL:RBDHA:2021:2945
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verblijfsvergunning op grond van Afsluitregeling Langdurig Verblijvende Kinderen wegens verblijf buiten Nederland op peildatum
Eisers, allen Oekraïense nationaliteit, dienden op 25 februari 2019 aanvragen in voor een verblijfsvergunning onder de Afsluitregeling Langdurig Verblijvende Kinderen. Verweerder wees deze aanvragen af omdat eisers niet voldeden aan de voorwaarde dat zij op de peildatum 29 januari 2019 in Nederland verbleven en niet ten minste vijf jaar onafgebroken in Nederland hadden verbleven.
Eisers waren op de peildatum uitgezet naar Oekraïne en voerden aan dat dit niet aan hen te wijten was. Zij stelden dat zij wel voldeden aan de vijfjaarstermijn en dat verweerder onvoldoende rekening had gehouden met hun gezinsleven en privéleven zoals beschermd door artikel 8 EVRM Pro.
De rechtbank oordeelde dat de Afsluitregeling begunstigend beleid is met ruime beleidsvrijheid voor verweerder en dat eisers niet voldeden aan de voorwaarden, waaronder het verblijf op de peildatum in Nederland. De rechtbank vond geen aanleiding om af te wijken van het beleid en oordeelde dat het tegenwerpen van het mvv-vereiste geen schending van artikel 8 EVRM Pro oplevert. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de verblijfsvergunning wordt ongegrond verklaard omdat eisers niet op de peildatum in Nederland verbleven.