ECLI:NL:RBDHA:2021:305
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtbank verklaart zich onbevoegd bij niet tijdig beslissen asielaanvraag door verlenging beslistermijn
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn asielaanvraag van 17 december 2019. De beslistermijn van zes maanden is door verweerder met zes maanden verlengd op grond van artikel 42, vierde lid, van de Vreemdelingenwet 2000, een verlenging die door de rechtbank als rechtmatig wordt beoordeeld.
De Tijdelijke wet opschorting dwangsommen IND, die op 11 juli 2020 in werking trad, is van toepassing omdat de beslistermijn op dat moment nog niet was verstreken. Hierdoor wordt het niet tijdig beslissen niet gelijkgesteld met een besluit waartegen beroep mogelijk is. Dit leidt ertoe dat de bestuursrechter zich onbevoegd verklaart om van het beroep kennis te nemen.
De rechtbank wijst ook op de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 16 december 2020, die deze rechtmatigheid bevestigt. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken verzet worden ingesteld.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van het beroep wegens rechtmatige verlenging van de beslistermijn en toepassing van de Tijdelijke wet opschorting dwangsommen IND.