ECLI:NL:RBDHA:2021:3352
Rechtbank Den Haag
- Kort geding
- S.J. Hoekstra - van Vliet
- Rechtspraak.nl
Rechter wijst vordering zonnestudio’s tot onmiddellijke heropening af
De rechtbank Den Haag behandelde een kort geding waarin de branchevereniging SVZ eiste dat de Staat de sluiting van zonnestudio’s per direct zou intrekken. SVZ stelde dat de sluiting onredelijk en onrechtmatig was, vooral omdat contactberoepen wel mochten heropenen. De Staat verdedigde haar keuze met verwijzing naar het advies van het Outbreak Management Team en de noodzaak tot gefaseerde versoepeling.
De rechter erkende de grote beleidsvrijheid van de Staat in de pandemie en benadrukte dat de sluiting van zonnestudio’s onderdeel is van de bredere lockdownmaatregelen voor publieke plaatsen. Hoewel SVZ betoogde dat zonnestudio’s veilig kunnen opereren en een bijdrage leveren aan het welzijn, is de Staat gerechtigd om prioriteiten te stellen en contactberoepen voorrang te geven vanwege hun specifieke aard en maatschappelijke relevantie.
De rechtbank concludeerde dat het niet openen van zonnestudio’s niet onrechtmatig is, mede omdat een gefaseerde aanpak noodzakelijk is om het risico op virusverspreiding en druk op de zorg te beperken. De vordering van SVZ werd afgewezen en zij werd veroordeeld tot betaling van de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering van SVZ af en bevestigt dat zonnestudio’s gesloten blijven onder de huidige coronamaatregelen.