ECLI:NL:RBDHA:2021:3532
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Opheffing maatregel bewaring wegens onvoldoende voortvarendheid bij uitzetting Sierra Leone
Eiser, van Sierra Leoonse nationaliteit, is sinds 21 december 2020 in bewaring gesteld op grond van de Vreemdelingenwet 2000. Hij stelde dat de Staat onvoldoende voortvarend handelde bij zijn uitzetting. De rechtbank toetste of de maatregel van bewaring sinds 29 december 2020 rechtmatig was.
De rechtbank constateerde dat sinds de vaststelling van eisers nationaliteit in juli 2019 onvoldoende stappen waren gezet om zijn uitzetting te realiseren. Contacten met de Sierra Leoonse autoriteiten en het indienen van laissez-passer aanvragen vonden laat en onregelmatig plaats. Rappels en vertrekgesprekken waren beperkt en niet altijd gedocumenteerd. De rechtbank oordeelde dat de Staat onvoldoende voortvarendheid betrachtte, wat onrechtmatigheid van de bewaring vanaf 1 februari 2021 tot gevolg had.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, beval de onmiddellijke opheffing van de maatregel van bewaring en kende een schadevergoeding toe van €6.100,- voor 61 dagen onrechtmatige detentie. Tevens werden proceskosten van €1.068,- aan eiser toegekend. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: De maatregel van bewaring wordt opgeheven wegens onvoldoende voortvarendheid van de Staat met toekenning van schadevergoeding.