ECLI:NL:RBDHA:2021:4824
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken aanvraag voor besluitvorming over uitkering
Eiseres ontvangt sinds 2002 een arbeidsongeschiktheidsuitkering en stelde in januari 2020 vragen over haar uitkering aan het UWV. Na uitblijven van een antwoord stuurde zij in april 2020 een herinnering en vervolgens in september 2020 een brief aan de rechtbank met een beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit.
De rechtbank kwalificeerde het beroep als gericht tegen het niet tijdig nemen van een besluit. Het UWV stelde dat er geen sprake was van een aanvraag waarop een besluit genomen moest worden. De rechtbank oordeelde dat het stellen van vragen niet gelijkstaat aan het indienen van een aanvraag en dat daardoor niet voldaan is aan de eerste voorwaarde van artikel 6:12 lid 2 Awb Pro.
Daarom verklaarde de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan door rechter M. Munsterman en griffier M. Klaus op 9 april 2021.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat geen aanvraag is ingediend waarop tijdig een besluit moet worden genomen.