ECLI:NL:RBDHA:2021:6207
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering bijstand wegens niet gemelde stortingen en bijschrijvingen
Eiseres ontvangt sinds 2013 een bijstandsuitkering en werd door het college van burgemeester en wethouders van Zoetermeer geconfronteerd met een herziening en terugvordering van bijstand over meerdere maanden in 2019 vanwege stortingen en bijschrijvingen op haar bankrekening.
Verweerder stelde dat eiseres de op haar rustende inlichtingenplicht had geschonden door deze bedragen niet te melden, ook al betrof het leningen of giften van familieleden, waaronder haar zoon. Eiseres voerde aan dat het om geringe bedragen ging en dat zij deze niet hoefde te melden.
De rechtbank oordeelde dat de stortingen en bijschrijvingen als middelen in de zin van de Participatiewet moeten worden beschouwd en dat eiseres redelijkerwijs had moeten begrijpen dat zij deze moest melden. Door dit niet te doen, heeft zij de inlichtingenplicht geschonden, waardoor de terugvordering terecht is. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard en de terugvordering van bijstand bevestigd wegens schending van de inlichtingenplicht.