Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 2 juli 2021 in de zaak tussen
[naam eiser], eiser,
de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
- beloverzichten van hem en zijn ex-vrouw;
- een e-mail van 27 augustus 2019 over de vertaling van een audio-opname;
- foto’s over de periode november 2019 tot mei 2020 en van augustus 2020 tot en met oktober 2020;
- een afsprakenkaart van het Erasmus MC;
- stukken van de Raad voor de Kinderbescherming van 3 maart 2020;
- vonnissen in kort geding van rechtbank Rotterdam van 3 juli 2019 en 27 mei 2020;
- een brief van Inigo advocaten van 28 juni 2018;
- correspondentie tussen de huisarts en de gemachtigde van 25 juni en 19 juli 2019;
- een e-mail AZ Carcentrum van 30 juni 2020; en
- een brief van de RDW van 29 juni 2020;
- een proces-verbaal van aangifte van 3 september 2019; en
- vonnissen van rechtbank Rotterdam van 2 september 2019.
Beslissing
Rechtsmiddel
- De IND verstaat onder zorgtaken ook opvoedingstaken
- De IND merkt zorg – en/of opvoedingstaken met een marginaal karakter niet aan als daadwerkelijke zorgtaken ten behoeve van het minderjarige kind, tenzij het marginale karakter van de zorg – en/of opvoedingstaken de vreemdeling niet aan is te rekenen. Dit wordt de vreemdeling niet aangerekend als hij/zij kan aantonen dat de andere ouder de omgang met het kind frustreert.
- de leeftijd van het kind;
- zijn lichamelijke en emotionele ontwikkeling; en
- de mate van zijn affectieve relatie zowel met de Nederlandse ouder als met de vreemdeling, evenals het risico dat voor het evenwicht van het kind zou ontstaan als het van deze laatste zou worden gescheiden.