ECLI:NL:RBDHA:2021:8621
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Opheffing maatregel van bewaring wegens overschrijding termijn ophouding
Eiser werd op 15 juli 2021 om 20:25 uur opgehouden tot 16 juli 2021 om 12:40 uur, waarbij de maximale wettelijke ophoudingstermijn van zes uur werd overschreden met 1 uur en 15 minuten. De rechtbank stelt vast dat deze overschrijding niet gering is en dat eiser hierdoor in zijn belangen is geschaad. Tijdens het gehoor bleek eiser psychisch van slag, wat ook door het proces-verbaal werd bevestigd. Eiser verklaarde dat de stress door de opsluiting hem negatief beïnvloedde en dat hij in een detentiecentrum meer bewegingsvrijheid zou hebben gehad.
De belangenafweging leidt tot de conclusie dat de ernst van de overschrijding en de daardoor ontstane schade niet in redelijke verhouding staan tot de met de bewaring gediende belangen. De rechtbank wijst het beroep van verweerder af dat gebaseerd was op een eerdere uitspraak met een geringere overschrijding. De maatregel van bewaring wordt daarom met ingang van 29 juli 2021 opgeheven.
Daarnaast kent de rechtbank op grond van artikel 106 van Pro de Vreemdelingenwet 2000 een schadevergoeding toe van €1.430,- voor de onrechtmatige vrijheidsontneming gedurende 14 dagen. Tevens worden de proceskosten van eiser vastgesteld op €1.496,- en worden deze ten laste van verweerder gebracht. De uitspraak is gedaan door rechter I. Bouter en griffier J.G. Mierop en is openbaar bekendgemaakt op 29 juli 2021.
Uitkomst: De maatregel van bewaring wordt opgeheven wegens overschrijding van de ophoudingstermijn en eiser ontvangt een schadevergoeding.