In deze zaak ging het om een Europese openbare aanbestedingsprocedure voor leerlingenvervoer in de gemeenten Wassenaar en Voorschoten. Noot Touringcar Ede B.V. stelde dat Munckhof Taxi B.V. vanwege een toepasselijke facultatieve uitsluitingsgrond – voortijdige beëindiging van een eerdere overheidsopdracht – uitgesloten moest worden van de aanbesteding. Noot vorderde onder meer dat de aanbestedende dienst de opdracht niet aan Munckhof zou gunnen.
De rechtbank oordeelde dat de aanbestedende dienst op grond van de Aanbestedingswet 2012 en Richtlijn 2014/24/EU verplicht is een inschrijver de mogelijkheid te bieden zijn betrouwbaarheid aan te tonen en een proportionaliteitstoets uit te voeren voordat tot uitsluiting wordt overgegaan. De facultatieve uitsluitingsgrond leidt niet automatisch tot uitsluiting zonder deze toets.
De aanbestedende dienst had de door Munckhof genomen maatregelen beoordeeld en geoordeeld dat uitsluiting disproportioneel zou zijn. De rechtbank vond geen reden om deze beslissing te corrigeren, mede omdat Noot dit verweer pas ter zitting had ingebracht en de rechterlijke toetsing marginaal is. De vordering van Noot werd afgewezen en Munckhof werd in het gelijk gesteld met veroordeling van Noot in de proceskosten.