ECLI:NL:RBDHA:2022:1053
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep wegens onvoldoende aannemelijkheid identiteit en nationaliteit vreemdeling
Eiseres heeft een aanvraag ingediend voor een document dat haar afgeleid verblijfsrecht bevestigt op grond van artikel 20 VWEU Pro en het arrest Chavez-Vilchez. Verweerder wees de aanvraag af omdat eiseres in eerdere procedures gebruikmaakte van een vals paspoort en haar huidige paspoort niet aannemelijk kon maken zonder aanvullende verklaringen van Angolese autoriteiten.
Verweerder vroeg eiseres om een verklaring van de Angolese autoriteiten en afschriften van brondocumenten die ten grondslag liggen aan het paspoort, maar eiseres heeft deze niet overgelegd noch aannemelijk gemaakt dat zij dit heeft geprobeerd. De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht deze aanvullende bewijsstukken heeft gevraagd en dat eiseres haar identiteit en nationaliteit niet voldoende heeft aangetoond.
Eiseres stelde dat zij DNA-onderzoek wil doen en dat de geboorteakten onjuiste persoonsgegevens bevatten omdat de kinderen geboren zijn toen zij nog onder een andere naam bekend stond, maar de rechtbank vond dit onvoldoende om de identiteit vast te stellen. Ook werd het beroep ongegrond verklaard omdat de hoorplicht niet was geschonden en verweerder terecht het bezwaar kennelijk ongegrond had verklaard.
De rechtbank besloot het beroep ongegrond te verklaren en wees een proceskostenveroordeling af. De uitspraak werd gedaan door rechter S. Veling op 11 februari 2022.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard wegens onvoldoende aannemelijkheid van haar identiteit en nationaliteit.