ECLI:NL:RBDHA:2022:11728
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen afwijzing asielaanvraag in verlengde procedure
Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn asielaanvraag in de verlengde procedure als kennelijk ongegrond af te wijzen. Tegelijkertijd verzocht hij de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening te treffen om het besluit te schorsen.
De voorzieningenrechter behandelde het verzoek op zitting, waarbij verzoeker werd bijgestaan door een gemachtigde en een tolk aanwezig was. De staatssecretaris werd vertegenwoordigd door zijn gemachtigde.
De voorzieningenrechter verwees naar de uitspraak in een gerelateerde zaak (NL22.12314) waarin het beroep op het bestreden besluit is behandeld en wees het verzoek om voorlopige voorziening af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Verzoek om voorlopige voorziening tegen afwijzing asielaanvraag wordt afgewezen.