ECLI:NL:RBDHA:2022:11729
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen afwijzing asielaanvraag wegens ontbreken procesbelang
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn asielaanvraag in de verlengde procedure af te wijzen als kennelijk ongegrond. De rechtbank heeft het beroep samen met een andere zaak op 30 september 2022 behandeld. Tijdens de procedure is gebleken dat eiser op 13 oktober 2022 zelfstandig de opvang heeft verlaten en sindsdien met onbekende bestemming is vertrokken.
De gemachtigde van eiser heeft verklaard geen contact meer te hebben met eiser. De rechtbank verwijst naar vaste rechtspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, waaruit volgt dat als een vreemdeling met onbekende bestemming vertrekt zonder contact te onderhouden, wordt aangenomen dat hij geen prijs meer stelt op de bescherming waarvoor hij beroep heeft ingesteld.
Daarom oordeelt de rechtbank dat eiser geen procesbelang heeft bij een inhoudelijke beoordeling van zijn beroep. Het beroep wordt dan ook niet-ontvankelijk verklaard. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen één week na bekendmaking.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang.