ECLI:NL:RBDHA:2022:11842
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling lagere subsidievaststelling en terugvordering PSI-subsidie wegens niet-naleving rapportageverplichtingen
DCH Energy GmbH ontving een PSI-subsidie van €750.000 voor een project in Ethiopië, met voorwaarden waaronder het tijdig indienen van Means of Verification (MoV’s) en een eindrapport. Verweerder stelde de subsidie lager vast op €12.500,- en vorderde voorschotten van €612.500,- terug, omdat alleen deelresultaat 1 was aangetoond en de overige rapportages en een marktconformiteitscertificaat ontbraken.
Eiseres voerde aan dat gedeeltelijke uitvoering van deelresultaten had plaatsgevonden en dat het evenredigheidsbeginsel was geschonden. De rechtbank oordeelde dat verweerder voldoende had gemotiveerd dat het ontbreken van rapportages en certificaat aan eiseres te wijten was, mede gezien herhaalde uitstelverlening en waarschuwingen. Het ontbreken van het eindrapport en certificaat maakte het voor verweerder onmogelijk om de subsidie hoger vast te stellen.
De rechtbank benadrukte dat het ondernemersrisico ook vertragingen door de burgeroorlog en covid-pandemie omvatte. De lagere subsidievaststelling was niet onevenredig, omdat de subsidie slechts werd toegekend voor het daadwerkelijk behaalde deelresultaat. Het beroep werd ongegrond verklaard, en eiseres kreeg geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de lagere subsidievaststelling en terugvordering van voorschotten wordt ongegrond verklaard.