ECLI:NL:RBDHA:2022:12029

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
9 november 2022
Publicatiedatum
15 november 2022
Zaaknummer
NL22.15457
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielzaak na afwijzing asielaanvraag

De zaak betreft een verzoek om voorlopige voorziening tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om de asielaanvraag van verzoeker af te wijzen als kennelijk ongegrond. Het verzoek is behandeld op 30 september 2022, samen met andere aanverwante zaken. Verzoeker is verschenen met een tolk en bijgestaan door een gemachtigde, terwijl de verweerder zich liet vertegenwoordigen.

De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen, mede omdat er reeds een uitspraak is gedaan in de hoofdzaak (zaaknummer NL22.15456). Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan op 9 november 2022 en is niet vatbaar voor hoger beroep of verzet.

Het vonnis bevestigt de afwijzing van het verzoek om voorlopige voorziening in het kader van het bestuursrecht en vreemdelingenrecht, waarbij de procedure correct is gevolgd en de belangen van partijen zijn gewogen.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen, waarmee de afwijzing van de asielaanvraag in stand blijft.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL22.15457

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[Naam], verzoeker

V-nummer: [Nummer]
(gemachtigde: mr. G.J. Dijkman),
en

de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder

(gemachtigde: mr. N.M. Lorier).

Procesverloop

Bij besluit van 4 augustus 2022 (het bestreden besluit) heeft verweerder de asielaanvraag van verzoeker voor bepaalde tijd in de verlengde procedure afgewezen als kennelijk ongegrond.
Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek samen met het beroep NL22.15456 en gelijktijdig met de zaken NL22.15458 en NL22.15459, op 30 september 2022 op zitting behandeld. Verzoeker is verschenen, bijgestaan door zijn gemachtigde. Als tolk is verschenen A. Koster. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.

Overwegingen

1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL22.15456, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. J.F.I. Sinack, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. N.M.L. van der Kammen, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op
www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.