ECLI:NL:RBDHA:2022:12495
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens niet tijdig beslissen handhavingsverzoek
Eiser heeft op 11 februari 2021 een handhavingsverzoek ingediend bij het college van burgemeester en wethouders van Den Haag. Na het uitblijven van een besluit stelde eiser verweerder bij brief van 8 juni 2021 in gebreke wegens het niet tijdig beslissen. Verweerder stuurde echter op 25 mei 2021 een brief die volgens eiser geen besluit was, maar de rechtbank oordeelde anders.
Eerder verklaarde de rechtbank het beroep van eiser niet-ontvankelijk omdat zij aannam dat de brief van 25 mei 2021 een besluit betrof. Na verzet van eiser werd deze uitspraak vernietigd en het onderzoek hervat. Op de zitting van 17 november 2022 werd vastgesteld dat de brief van 25 mei 2021 inderdaad een besluit op het handhavingsverzoek is, ondanks het ontbreken van een rechtsmiddelenclausule.
Hierdoor voldoet het beroep tegen het niet tijdig beslissen niet aan de voorwaarden van de artikelen 6:2 en 6:12 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). De rechtbank verklaart het beroep daarom niet-ontvankelijk en wijst tevens het verzoek tot toekenning van een dwangsom en vergoeding van verletkosten af.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat verweerder op 25 mei 2021 al een besluit heeft genomen.