ECLI:NL:RBDHA:2022:1254
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen gedeeltelijke weigering inzage politiegegevens op grond van de Wet politiegegevens
Eiser verzocht op 5 juni 2020 inzage in de politiegegevens die over hem zijn verwerkt. Verweerder heeft dit verzoek gedeeltelijk toegewezen en informatie onthouden ter bescherming van derden. Eiser stelde dat verweerder niet voldeed aan de motiveringsplicht van artikel 8 Wpg Pro voor gegevens die langer dan een jaar worden bewaard en dat het antecedentenoverzicht niet was verstrekt.
De rechtbank oordeelde dat verweerder niet verplicht was om de noodzaak voor elke verwerking afzonderlijk te motiveren en dat de algemene motivering dat het bewaren de informatiepositie van de politie bevordert volstaat. Daarnaast bleek het ontbreken van het antecedentenoverzicht een vergissing; dit overzicht is op 12 oktober 2020 nagezonden. Eiser had nagelaten contact op te nemen om dit te signaleren.
De rechtbank concludeerde dat het beroep ongegrond is en dat er geen aanleiding is voor proceskostenveroordeling. Verweerder heeft het verzoek van eiser in overeenstemming met artikel 25 Wpg Pro afgedaan door inzage te verlenen en de mogelijkheid te bieden de gegevens in te zien. De uitspraak is gedaan op 17 februari 2022 door rechter D. Biever.
Uitkomst: Het beroep tegen het gedeeltelijk weigeren van inzage in politiegegevens wordt ongegrond verklaard.