Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.Bijzondere aard van de zaak
4.De bewijsbeslissing
,opzettelijk zwaar lichamelijk letsel, te weten een volledig afgeknipte penis, heeft toegebracht door de penis af te knippen met een schaar.
5.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
6.De strafbaarheid van de verdachte
7.De maatregel
8.De vordering van de benadeelde partij/de schadevergoedingsmaatregel
en blijvendletsel bij het slachtoffer.
mogelijkelangetermijngevolgen en
mogelijkecomplicaties. Van een zogenoemde medische eindtoestand is nog geen sprake en een concrete prognose daarvoor is niet gegeven. Daardoor kan de rechtbank op dit moment niet beoordelen of sprake is van blijvend letsel, zoals voor de toekenning van schade ex artikel 6:107 lid Pro 2, sub b BW is vereist. De vordering tot vergoeding van affectieschade is in zoverre onvoldoende onderbouwd, terwijl het bieden van de gelegenheid een nadere onderbouwing te geven een onevenredige belasting van het strafgeding zou betekenen. De benadeelde partij zal daarom in de vordering tot vergoeding van affectieschade niet-ontvankelijk worden verklaard. Dit deel van de vordering kan bij de burgerlijke rechter worden ingediend.
9.De toepasselijke wetsartikelen
10.De beslissing
niet strafbaar;