Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
1.1. [eiseres] , uit [woonplaats] , eiseres
2.[eiser] , uit [woonplaats] , eiser
[derde-partij](vergunninghouder) te [woonplaats] .
.Vergunninghouder is eveneens verschenen.
Rechtbank Den Haag
De rechtbank Den Haag behandelde de beroepen van twee omwonenden tegen een omgevingsvergunning verleend voor het vergroten en veranderen van een bedrijfsruimte tot woning, inclusief het toevoegen van een bouwlaag met kap. De vergunning was verleend door het college van burgemeester en wethouders van Den Haag, waarbij het bouwplan planologisch voorstelbaar werd geacht ondanks het bouwen buiten het bouwvlak.
Eiseres vreesde nadelige gevolgen voor uitzicht en privacy, terwijl eiser bezwaar maakte tegen verminderde bezonning en daglichttoetreding. De rechtbank erkende de vermindering van uitzicht en privacy, maar oordeelde dat dit binnen de redelijke grenzen van een stedelijke omgeving viel en geen onaanvaardbare aantasting van het woon- en leefklimaat vormde.
Ten aanzien van bezonning stelde de rechtbank vast dat de Haagse bezonningsnorm correct werd toegepast door de gemeente en dat de lichte afname van zonuren op de voorgevel van eiser niet leidde tot een onevenredige aantasting. Ook de vermeende verminderde daglichttoetreding werd door verweerder beoordeeld en de rechtbank vond dat dit in een verstedelijkte omgeving acceptabel was.
De rechtbank concludeerde dat verweerder in redelijkheid tot het besluit heeft kunnen komen en verklaarde de beroepen ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De beroepen tegen de omgevingsvergunning worden ongegrond verklaard en de vergunning blijft van kracht.