ECLI:NL:RBDHA:2022:13110
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep op asielverzoek vanwege ongeloofwaardig lhbti-asielrelaas uit Uganda
Eiseres, een vrouw met de Ugandese nationaliteit, verzocht om een verblijfsvergunning asiel op grond van haar lesbische geaardheid en de daaruit voortvloeiende problemen in Uganda. De Staatssecretaris wees haar aanvraag af wegens onvoldoende geloofwaardigheid van haar asielrelaas.
De rechtbank behandelde het beroep en oordeelde dat hoewel de identiteit van eiseres geloofwaardig was, de verklaringen over haar seksuele geaardheid en de problemen die zij daardoor ondervond onvoldoende aannemelijk waren. De rechtbank vond dat eiseres onvoldoende inzicht had gegeven in haar gevoelens en de ontwikkeling van haar relaties, en dat er tegenstrijdigheden waren in haar en haar partner(s) verklaringen.
Ook de omstandigheden rond haar vlucht en de situatie van lesbische vrouwen in Uganda werden als ongeloofwaardig beoordeeld. De rechtbank verwierp de stelling dat beperkingen door de coronapandemie haar belemmerden zich te verdiepen in de situatie in Nederland. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en de mogelijkheid tot hoger beroep werd open gelaten.
Uitkomst: Het beroep op asiel vanwege lesbische geaardheid wordt ongegrond verklaard wegens ongeloofwaardig asielrelaas.