ECLI:NL:RBDHA:2022:1316
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Boete onterecht opgelegd wegens onvoldoende bewijs van drankvoorraad in horecabedrijf
Eiser exploiteert een vestiging van een hamburgerketen waar tijdens controles flessen alcoholhoudende drank werden aangetroffen in een afgesloten ruimte. Verweerder legde op grond van de Drank- en Horecawet twee boetes op wegens het hebben van een drankvoorraad buiten de rechtmatige uitoefening van een horecabedrijf.
Eiser betwistte de boetes met het argument dat de drank niet voor verkoop bestemd was, maar voor eigen gebruik of als cadeautjes. De rechtbank oordeelde dat het bestuursorgaan niet voldoende had aangetoond dat de drankvoorraad bedoeld was voor verkoop, mede gelet op de hoeveelheid en de aard van de ruimte waar de drank werd aangetroffen.
Daarnaast verklaarde de rechtbank het bezwaar tegen de tweede boete niet-ontvankelijk omdat dit te vroeg was ingediend. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit voor zover de eerste boete in stand werd gehouden, herroept deze boete en bepaalde dat het betaalde griffierecht aan eiser wordt vergoed.
Uitkomst: De boete van € 1.360,- is vernietigd wegens onvoldoende bewijs dat de drankvoorraad bestemd was voor verkoop.