ECLI:NL:RBDHA:2022:13271
Rechtbank Den Haag
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering herbeoordeling aanbesteding variabel onderhoud Zuid-Nederland
In deze kort geding procedure vordert Heijmans Infra B.V. dat Rijkswaterstaat (RWS) de voorlopige gunningsbeslissingen voor drie percelen variabel onderhoud Zuid-Nederland intrekt en de inschrijvingen opnieuw beoordeelt, inclusief de bijlagen bij het plan van aanpak. Heijmans stelt dat RWS de bijlagen ten onrechte buiten beschouwing heeft gelaten, wat leidt tot een onjuiste beoordeling en schending van het gelijkheids- en transparantiebeginsel.
RWS en de interveniërende inschrijvers (Strukton, Besix, DVI en KWS) voeren verweer en betwisten dat sprake is van een beoordelingsfout. De rechtbank overweegt dat de beoordelingscommissie deskundigheid bezit en slechts bij onbegrijpelijke of onrechtmatige beoordelingen mag worden gecorrigeerd. De bijlagen bevatten meer dan een illustratie of verduidelijking, waardoor het terecht was deze buiten beschouwing te laten.
De rechtbank oordeelt dat de aanbestedingsleidraad duidelijk maakt dat relevante informatie in het plan van aanpak zelf moet worden opgenomen en dat bijlagen slechts ter illustratie mogen dienen. Het verplaatsen van essentiële informatie naar bijlagen zou het gelijk speelveld verstoren. Daarom is geen sprake van een evidente beoordelingsfout en worden de vorderingen van Heijmans afgewezen.
Heijmans wordt veroordeeld in de proceskosten van RWS en de interveniënten. De kosten van RWS worden begroot op nihil, de overige proceskosten op €1.692 per partij. De beslissing is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van Heijmans af en veroordeelt haar in de proceskosten.