ECLI:NL:RBDHA:2022:13279
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens ongeloofwaardig asielrelaas en geen verplichting tot medisch onderzoek
Eiser, een Libische nationaliteit dragende asielzoeker, verzocht om een verblijfsvergunning asiel. Hij stelde dat hij problemen had ondervonden in Libië vanwege een confrontatie met de voorzitter van zijn sportclub en bedreigingen na een Facebook-post. De staatssecretaris wees de aanvraag af wegens ongeloofwaardigheid van deze elementen van het asielrelaas.
De rechtbank oordeelde dat de identiteit en herkomst van eiser wel geloofwaardig waren, maar dat de confrontatie met de voorzitter en de bedreigingen onvoldoende aannemelijk waren gemaakt. Eiser had tegenstrijdige en vage verklaringen gegeven, geen documenten ter ondersteuning overlegd en onvoldoende inzicht gegeven in de omstandigheden van de bedreigingen en detentie.
Eiser voerde aan dat nader onderzoek naar de salafistische groepering en een forensisch medisch onderzoek verplicht waren, maar de rechtbank verwierp deze stellingen. De rechtbank vond dat de staatssecretaris terecht afzag van het medisch onderzoek gezien het ongeloofwaardige verhaal. Het beroep werd ongegrond verklaard en de aanvraag tot proceskostenvergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.