ECLI:NL:RBDHA:2022:13781
Rechtbank Den Haag
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering heraanbesteding wegens niet tijdig ingebracht bezwaar en niet voldoen aan formele eisen
De zaak betreft een kort geding over een Europese niet-openbare aanbestedingsprocedure voor de levering en onderhoud van drijvende brugsystemen door het Ministerie van Defensie. Het consortium NMFB vordert onder meer heraanbesteding en staking van de procedure, stellende dat het level playing field is geschonden en dat hun inschrijving ten onrechte ongeldig is verklaard.
De rechtbank overweegt dat NMFB haar bezwaren over vermeende onregelmatigheden in het programma van eisen niet tijdig heeft ingebracht, waardoor sprake is van rechtsverwerking. Daarnaast voldoet de inschrijving van NMFB niet aan de formele eisen, onder meer omdat zij een prijs onder voorwaarden heeft aangeboden door indexering toe te passen terwijl een vaste prijs werd verlangd, en omdat zij onjuiste formulieren gebruikte en wijzigingen aanbracht.
De rechtbank oordeelt dat DMO de inschrijving van NMFB terecht ongeldig heeft verklaard en dat het niet toelaten van NMFB tot de onderhandelingsprocedure zonder aankondiging gerechtvaardigd is. De vordering tot heraanbesteding wordt afgewezen en NMFB wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Vordering tot heraanbesteding wordt afgewezen wegens te late ingebruikname van bezwaar en niet voldoen aan formele eisen.