ECLI:NL:RBDHA:2022:13823
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen uitsluiting bestuurlijke dwangsom bij asielaanvraag
Eiser stelde beroep in tegen het niet-tijdig beslissen op zijn asielaanvraag en betwistte de uitsluiting van bestuurlijke dwangsommen op grond van de Tijdelijke wet opschorting dwangsommen IND. De rechtbank overwoog dat deze wet de toepassing van bestuursrechtelijke dwangsomregels op asielbesluiten uitsluit, wat volgens eiser strijdig zou zijn met het Unierecht.
De rechtbank verwees naar eerdere jurisprudentie, waaronder een uitspraak van de rechtbank Arnhem en de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, die oordeelden dat het uitsluiten van bestuurlijke dwangsommen niet in strijd is met het doeltreffendheids- en gelijkwaardigheidsbeginsel van het Unierecht, omdat rechterlijke dwangsommen nog wel mogelijk zijn.
Omdat eiser met het beroep niet kan bereiken wat hij wil, ontbrak het aan procesbelang en werd het beroep kennelijk niet-ontvankelijk verklaard. De rechtbank veroordeelde verweerder tot vergoeding van de proceskosten van eiser, vastgesteld op €379,50, vanwege het niet-tijdig beslissen op de aanvraag.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet toekennen van een bestuurlijke dwangsom bij de asielaanvraag is niet-ontvankelijk verklaard en verweerder is veroordeeld tot proceskostenvergoeding.