ECLI:NL:RBDHA:2022:1384
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen weigering WIA-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Eiseres, voormalig tandartsassistente, heeft een WIA-uitkering aangevraagd die per 16 december 2019 werd geweigerd wegens een arbeidsongeschiktheid van minder dan 35%. Verweerder baseerde dit besluit op rapporten van verzekeringsartsen en een arbeidsdeskundige. Eiseres voerde aan dat haar beperkingen onvoldoende zijn meegewogen, mede vanwege wisselende belastbaarheid en het belang van het afronden van haar behandeling.
De rechtbank oordeelt dat de verzekeringsartsen de beperkingen van eiseres zorgvuldig en volledig hebben beoordeeld, waarbij ook de door haar aangeleverde medische informatie is betrokken. De Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) weerspiegelt de beperkingen adequaat, inclusief preventieve urenbeperkingen om verergering te voorkomen. Het re-integratierapport, niet door een arts opgesteld, is niet relevant voor de WIA-beoordeling.
De arbeidsdeskundige heeft passende functies binnen de belastbaarheid van eiseres vastgesteld. De rechtbank concludeert dat het bestreden besluit op goede gronden berust en verklaart het beroep ongegrond. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de weigering van een WIA-uitkering wordt ongegrond verklaard.