Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], eiseres
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
driehonderdnegenenzeventig euro en vijftig cent).
Rechtbank Den Haag
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op haar asielaanvraag van 19 januari 2021. De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft bij besluit van 6 september 2022 de asielaanvraag ingewilligd. Ondanks de inwilliging handhaaft eiseres het beroep.
De rechtbank stelt vast dat het beroep tegen het niet tijdig beslissen daarmee zijn belang heeft verloren. Daarnaast kan eiseres op grond van de Tijdelijke wet opschorting dwangsommen IND niet in beroep komen tegen de vaststelling dat geen bestuurlijke dwangsommen verschuldigd zijn. De rechtbank volgt de jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State dat deze uitsluiting niet in strijd is met het Unierechtelijke gelijkwaardigheidsbeginsel en doeltreffendheidsbeginsel.
Daarom verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk. Wel veroordeelt zij de verweerder in de proceskosten van eiseres wegens het recht op beroep tegen het niet tijdig beslissen. De proceskosten worden vastgesteld op €379,50.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat de asielaanvraag is ingewilligd en bestuurlijke dwangsommen zijn uitgesloten.