ECLI:NL:RBDHA:2022:14431
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken belang bij asielprocedure na vertrek uit opvang
Eiser heeft een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend, welke door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid is afgewezen als kennelijk ongegrond. Hiertegen heeft eiser beroep ingesteld en tevens een voorlopige voorziening verzocht.
De rechtbank heeft het onderzoek op 7 juli 2022 gesloten nadat beide partijen hadden aangegeven niet te zullen verschijnen. Uit het dossier blijkt dat eiser sinds 2 juli 2022 met onbekende bestemming is vertrokken uit de opvang en geen contact meer heeft onderhouden met zijn gemachtigde over de voortgang van de procedure.
De rechtbank oordeelt dat eiser daardoor geen rechtens te beschermen belang meer heeft bij een inhoudelijke beoordeling van zijn beroep. Dit volgt uit vaste rechtspraak waarin wordt aangenomen dat het ontbreken van contact en verblijfplaats leidt tot het ontbreken van belang bij de procedure. Daarom verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk en wijst het verzoek om proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van belang na vertrek uit de opvang en het ontbreken van contact met zijn gemachtigde.