Uitspraak
Rechtbank den haag
1.De procedure
2.Het wrakingsverzoek
3.De beoordeling
4.De beslissing
- verzoeker;
- de wederpartij in de hoofdzaak;
- de rechter, mr. C.G. Meeder;
- de eerste wrakingskamer, mrs. M.J. Alt-van Endt, S.M. Krans en J. Brandt.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
Verzoeker diende een tweede wrakingsverzoek in tegen de rechter die de hoofdzaak behandelt en tegen de wrakingskamer die het eerste wrakingsverzoek had afgewezen. De rechtbank overweegt dat een volgend wrakingsverzoek tegen dezelfde rechter niet in behandeling wordt genomen zonder nieuwe feiten of omstandigheden. Het verzoek tegen de eerste wrakingskamer is niet ontvankelijk omdat deze al een einduitspraak heeft gedaan. Wraking van de gehele rechtbank is wettelijk niet mogelijk.
De rechtbank constateert dat verzoeker met zijn wrakingsverzoeken vooral onvrede uit over de procedure en de bereikbaarheid van de rechtbank, en dat het wrakingsmiddel wordt misbruikt om de voortgang van de procedure te frustreren. Daarom wordt een wrakingsverbod opgelegd en wordt bepaald dat een volgend wrakingsverzoek niet in behandeling wordt genomen.
De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 15 november 2022 door de meervoudige wrakingskamer van de rechtbank Den Haag. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het tweede wrakingsverzoek is niet-ontvankelijk verklaard en een wrakingsverbod is opgelegd.