ECLI:NL:RBDHA:2022:14640
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging sluiting woning wegens drugshandel en overlast in Den Haag
Eiser huurde een woning in Den Haag die door de burgemeester voor zes maanden werd gesloten vanwege vermoedens van drugshandel en overlast. De politie en buurtbewoners meldden frequente bezoeken van drugsgebruikers en dealers, en in de woning werden attributen voor drugsgebruik aangetroffen. Eiser voerde aan dat hij niet wist van handel en dat de sluiting onevenredig was.
De rechtbank oordeelde dat de burgemeester bevoegd was de woning te sluiten, ook zonder aantreffen van handelshoeveelheden drugs, op basis van politiewaarnemingen, verklaringen van omwonenden en bezoekers, en aangetroffen druggerelateerde goederen. Het risico van drugshandel lag mede bij eiser vanwege het ter beschikking stellen van de woning aan personen uit het drugscircuit.
De belangenafweging was evenredig; het ontbreken van alternatieve woonruimte woog niet zwaarder dan de noodzaak om drugsoverlast te bestrijden. Het beroep van eiser werd daarom ongegrond verklaard en de sluiting gehandhaafd.
Uitkomst: De rechtbank bevestigt de sluiting van de woning wegens drugshandel en verklaart het beroep ongegrond.