ECLI:NL:RVS:2019:148
Raad van State
- Hoger beroep
- A.W.M. Bijloos
- H. Bolt
- F.D. van Heijningen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging sluiting woning wegens handelshoeveelheid hennep en toepassing bestuursdwang
De burgemeester van Middelburg heeft appellant gelast zijn woning te sluiten voor drie maanden vanwege de aanwezigheid van 364 gram hennep, een hoeveelheid die volgens het openbaar ministerie duidt op handel en niet louter eigen gebruik. Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, stellende dat het merendeel van de hennep afval was en niet bestemd voor verkoop, en dat hij vanwege zijn medische situatie en sociale kwetsbaarheid een waarschuwing verdiende.
De rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelde dat de burgemeester bevoegd was op grond van artikel 13b, eerste lid, van de Opiumwet tot sluiting van de woning en dat appellant onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de hennep niet voor handel bestemd was. De rechtbank passeerde een gebrek in de motivering omtrent de kwetsbaarheid van appellant omdat de burgemeester ter zitting had toegelicht dat passende zorg en vervangende woonruimte waren geregeld.
In hoger beroep bevestigt de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State dat de burgemeester terecht gebruik heeft gemaakt van zijn bevoegdheid. De aangetroffen hoeveelheid hennep en de aanwezigheid van attributen als weegschalen en wapens wijzen op professionele handel. De belangen van appellant zijn meegewogen, maar het belang van sluiting woog zwaarder. De Afdeling verklaart het hoger beroep ongegrond en bevestigt de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de sluiting van de woning voor drie maanden wegens handelshoeveelheid hennep.