ECLI:NL:RBDHA:2022:14674
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielprocedure Nigeriaanse verzoeker
Verzoeker, van Nigeriaanse nationaliteit, heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Deze aanvraag is bij besluit van 13 juli 2022 afgewezen als kennelijk ongegrond door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld en tevens een voorlopige voorziening gevraagd.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening samen met de hoofdzaak (zaaknummer NL22.13963) op 2 augustus 2022 behandeld. Omdat de rechtbank op dezelfde dag uitspraak heeft gedaan in de hoofdzaak, acht de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening niet meer noodzakelijk.
Daarom wijst de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening af. Tevens is er geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan in het openbaar op 17 augustus 2022 en tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak is behandeld.