Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, met de Nigeriaanse nationaliteit, heeft beroep ingesteld tegen het voortduren van de maatregel van bewaring die op 2 mei 2022 door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid is opgelegd op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Eiser betwist dat er een nationaliteitsbevestiging heeft plaatsgevonden en voert aan dat er geen zicht is op uitzetting binnen een redelijke termijn vanwege de vereiste negatieve coronatest, waaraan hij niet wil meewerken. Tevens stelt hij dat zijn medische situatie, waaronder diabetes, een uitzetting naar Nigeria onmogelijk maakt en dat de bewaring daardoor onrechtmatig en onevenredig is.
De rechtbank overweegt dat uit het dossier blijkt dat de nationaliteitsbevestiging wel heeft plaatsgevonden en dat de vlucht naar Nigeria gepland staat op 3 augustus. Het weigeren van de coronatest door eiser doet hieraan niet af, aangezien medewerking aan een dergelijke test onder de medewerkingsplicht valt. De rechtbank verwijst naar vaste jurisprudentie dat het zicht op overdracht niet ontbreekt bij weigering van medewerking.
Ten aanzien van de medische situatie stelt de rechtbank dat het indienen van een verzoek op grond van artikel 64 Vw Pro niet leidt tot rechtmatig verblijf zolang geen besluit is genomen. De bewaring is daarom niet onrechtmatig. Ook acht de rechtbank de maatregel niet onevenredig bezwarend, omdat adequate medische zorg beschikbaar is in het detentiecentrum. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.