ECLI:NL:RBDHA:2022:14696
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing machtiging voorlopig verblijf nareis wegens onvoldoende feitelijke gezinsband
Eiseres, met de Syrische nationaliteit, verzocht om een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in Nederland om bij haar echtgenoot, de referent, te kunnen verblijven. De aanvraag werd door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid afgewezen met het argument dat er op het peilmoment geen feitelijke gezinsband bestond, ondanks het bestaan van een rechtsgeldig huwelijk.
De rechtbank oordeelt dat de Staatssecretaris onvoldoende heeft gemotiveerd waarom de feitelijke gezinsband ontbrak en dat het onderzoek naar deze gezinsband onvoldoende is geweest. Ook is de hoorplicht geschonden doordat eiseres en referent niet zijn gehoord over hun gezinsband, terwijl dit essentieel was voor de beoordeling.
De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en draagt de Staatssecretaris op binnen zes weken een nieuw besluit te nemen, waarbij eiseres en referent worden gehoord. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot betaling van griffierecht en proceskosten aan eiseres vanwege het niet tijdig beslissen en de gebreken in de besluitvorming.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot afwijzing van de mvv-aanvraag wordt vernietigd en verweerder moet een nieuw besluit nemen na hoorzitting.