Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[naam], eiser, V-nummer: [nummer]
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Algerijnse vreemdeling, werd op 4 februari 2022 in bewaring gesteld op grond van de Vreemdelingenwet 2000. Zijn beroep tegen deze maatregel werd op 16 februari 2022 behandeld, maar eiser was niet aanwezig omdat hij op dat moment werd overgedragen aan de Belgische autoriteiten. Hoewel eiser feitelijk nog in Nederland verbleef, werd hij niet persoonlijk gehoord, terwijl hij ook geen afstand had gedaan van dit recht.
De rechtbank oordeelde dat het recht van eiser om persoonlijk door de rechter te worden gehoord bij een vrijheidsbenemende maatregel fundamenteel is en niet mag worden ontnomen om praktische redenen. Verweerder had rekening moeten houden met dit recht bij de planning van de overdracht, die op dezelfde dag als de zitting stond gepland.
De rechtbank concludeerde dat de bewaring onrechtmatig was vanaf het moment van oplegging tot de opheffing op 16 februari 2022. Gelet op deze onrechtmatigheid werd een schadevergoeding van €1.330 toegekend voor dertien dagen onrechtmatige vrijheidsbeneming. Tevens werden de proceskosten van eiser aan verweerder opgelegd.
De rechtbank zag geen aanleiding om verder in te gaan op de overige beroepsgronden, nu de bewaring inmiddels was opgeheven. Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Bewaring onrechtmatig verklaard wegens schending recht op persoonlijk horen; schadevergoeding van €1.330 toegekend.