ECLI:NL:RBDHA:2022:15959
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag biseksuele asielzoeker uit Nigeria wegens onvoldoende geloofwaardigheid
Eiser, een Nigeriaanse asielzoeker, verzocht om een verblijfsvergunning op grond van zijn biseksuele geaardheid en de daaruit voortvloeiende problemen in Nigeria. Hij stelde dat hij vanwege zijn seksuele geaardheid in Nigeria werd bedreigd en mishandeld, onder meer door een incident waarbij hij met zijn vriend werd betrapt en door politie werd afgeperst.
De Staatssecretaris wees de aanvraag af omdat hij het relaas over de biseksuele geaardheid en de daaruit voortvloeiende problemen niet geloofwaardig achtte. De rechtbank overwoog dat verweerder voldoende rekening had gehouden met het beperkte referentiekader van eiser, waaronder zijn beperkte scholing en het tijdsverloop. Ook werd het seksueel misbruik door een oom op jonge leeftijd als geloofwaardig beoordeeld, maar dit misbruik kon niet bijdragen aan de geloofwaardigheid van de biseksuele geaardheid.
De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht had geoordeeld dat eiser de relaties met zijn partners niet aannemelijk had gemaakt en dat zijn verklaringen onvoldoende authentieke details bevatten. De rechtbank vond dat verweerder geen cirkelredenering hanteerde en dat het bestreden besluit voldoende gemotiveerd was. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en de asielaanvraag afgewezen.
Uitkomst: De rechtbank wijst het beroep ongegrond en bevestigt de afwijzing van de asielaanvraag wegens onvoldoende geloofwaardigheid van de biseksuele geaardheid en de daaraan gerelateerde problemen.