Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, met de Nigeriaanse nationaliteit, is op 2 mei 2022 de maatregel van bewaring opgelegd op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Hij stelde beroep in tegen de voortzetting van deze maatregel en verzocht om schadevergoeding. De rechtbank heeft het onderzoek ter zitting achterwege gelaten en de zaak op schriftelijke stukken beoordeeld.
Eiser weigerde mee te werken aan een coronatest, omdat hij van mening was dat zonder medewerking het zicht op zijn uitzetting ontbreekt en verweerder een passieve houding aanneemt. De rechtbank oordeelde dat de weigering van de coronatest op zichzelf niet betekent dat het zicht op uitzetting ontbreekt, conform vaste jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Verweerder heeft voldoende aangetoond dat hij nog steeds handelingen verricht ter uitzetting van eiser, waaronder vertrekgesprekken en het verzoek aan Nigeria om een uitzondering op de coronatestplicht. De rechtbank zag geen aanleiding om de maatregel van bewaring op te heffen gezien de duur en omstandigheden.
Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen de voortzetting van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.