ECLI:NL:RBDHA:2022:3013
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging naheffingsaanslag accijns gasolie in bunkertank motortankschip
Op 22 maart 2017 voerde een controleteam een accijnscontrole uit aan boord van een motortankschip in een Nederlandse haven, waarbij ongeveer 7.000 liter gasolie in de voorschipbunkertank werd aangetroffen. Een monster werd genomen en onderzocht door het Douanelaboratorium, dat een onvoldoende gehalte aan het herkenningsmiddel Solvent Yellow 124 vaststelde.
De inspecteur legde daarop een naheffingsaanslag op aan eiseres, die als bevrachter van het schip werd aangemerkt als belastingplichtige, ondanks dat zij niet de eigenaar of huurder was. Eiseres betwistte de aanslag en verzuimboete, stellende dat geen belastbaar feit bestond, zij niet belastingplichtig was en dat aan de voorwaarden voor vrijstelling was voldaan.
De rechtbank oordeelde dat de wetgeving en jurisprudentie duidelijk maken dat de aanwezigheid van het herkenningsmiddel verplicht is voor vrijstelling en dat eiseres als bevrachter betrokken is bij het voorhanden hebben van de gasolie. De naheffingsaanslag en verzuimboete zijn terecht opgelegd, en de rechtbank verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: De rechtbank bevestigt de naheffingsaanslag en verzuimboete tegen eiseres wegens onvoldoende herkenningsmiddel in gasolie.