ECLI:NL:RBDHA:2022:335
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens ongeloofwaardige politieke activiteiten en achtergehouden motief
Eiser, een staatsburger van Belarus, verzocht om een verblijfsvergunning asiel, stellende dat hij onterecht veroordeeld en gedetineerd was vanwege zijn deelname aan vreedzame protesten tegen het regime. Hij vreesde bij terugkeer opnieuw detentie onder mensonterende omstandigheden.
De staatssecretaris wees de aanvraag af omdat hij de identiteit en nationaliteit van eiser geloofwaardig achtte, maar diens politieke activiteiten en de reden van zijn detentie ongeloofwaardig vond. Ook werd een nieuwe aanklacht wegens schending van vrijlatingsvoorwaarden niet geloofd.
De rechtbank oordeelde dat eiser tegenstrijdige verklaringen gaf over zijn protestdeelname en detentie, onvoldoende bewijs leverde en een nieuw asielmotief had achtergehouden. De beoordeling van het nieuwe motief kon niet in deze procedure worden meegenomen, en eiser werd gewezen op de mogelijkheid een nieuwe aanvraag in te dienen.
Het beroep werd ongegrond verklaard zonder proceskostenveroordeling. De uitspraak werd gedaan door rechter W. Anker en griffier A.S. Hamans op 18 januari 2022.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard wegens ongeloofwaardigheid en een achtergehouden asielmotief.