Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam eiser], eiser,
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Algerijnse staatsburger die niet rechtmatig in Nederland verblijft, werd geconfronteerd met een terugkeerbesluit waarbij hem een vertrektermijn werd onthouden en een inreisverbod van twee jaar werd opgelegd. Eiser voerde aan dat het terugkeerbesluit onrechtmatig was omdat er geen zicht is op zijn uitzetting naar Algerije, en dat het inreisverbod in strijd zou zijn met artikel 8 EVRM Pro vanwege zijn familierelaties in Frankrijk.
De rechtbank oordeelde dat het ontbreken van zicht op uitzetting niet betekent dat de terugkeerverplichting komt te vervallen. Verweerder was bevoegd het terugkeerbesluit te nemen en de vertrektermijn te onthouden vanwege het risico op onttrekken aan toezicht. Eiser wordt geacht zich in te spannen om aan zijn vertrekplicht te voldoen en kan een aanvraag voor rechtmatig verblijf indienen als hij buiten zijn schuld niet kan vertrekken.
Ten aanzien van het inreisverbod stelde de rechtbank dat het feit dat eiser familie in Frankrijk heeft, waaronder een zwangere vriendin, niet leidt tot strijd met artikel 8 EVRM Pro. Toegang tot Frankrijk dient via de Franse autoriteiten te worden aangevraagd, waarna het inreisverbod ambtshalve kan worden opgeheven. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het terugkeerbesluit en het inreisverbod wordt ongegrond verklaard.