ECLI:NL:RBDHA:2022:3788
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing MVV-aanvraag wegens ontbreken werkelijk huwelijks- of gezinsleven ondanks huwelijk
Eisers, beiden met de Ghanese nationaliteit, hebben een aanvraag ingediend voor een machtiging tot voorlopig verblijf (MVV) om te verblijven bij de Nederlandse echtgenoot van eiseres. In een eerdere procedure was de duurzame en exclusieve relatie onvoldoende aangetoond vanwege tegenstrijdige verklaringen tijdens een simultaan gehoor. Na het huwelijk tussen eiseres en referent is een nieuwe aanvraag ingediend met een gelegaliseerde huwelijksakte en aanvullende stukken.
Verweerder wees de aanvraag af omdat niet was aangetoond dat er feitelijk invulling werd gegeven aan het gezinsleven, mede door de vele tegenstrijdigheden in het simultaan gehoor. De rechtbank oordeelt dat het enkel rechtsgeldig sluiten van het huwelijk niet afdoet aan de eis van een werkelijk huwelijks- of gezinsleven, verwijzend naar jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De rechtbank stelt vast dat verweerder terecht heeft geoordeeld dat het feitelijk gezinsleven onvoldoende aannemelijk is gemaakt, gezien de vele tegenstrijdige verklaringen over essentiële aspecten van de relatie. Eisers hebben deze tegenstrijdigheden niet betwist. Het beroep wordt ongegrond verklaard. De rechtbank benadrukt dat het doel en het nuttig effect van de Gezinsherenigingsrichtlijn niet worden aangetast door nader onderzoek naar het feitelijk gezinsleven.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de MVV-aanvraag afgewezen wegens ontbreken van een werkelijk huwelijks- of gezinsleven.