ECLI:NL:RBDHA:2022:3978
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing proceskostenvergoeding bij toekenning licht advies toevoeging coronaboete
Eiser diende een aanvraag in voor een licht advies toevoeging (LAT) in verband met een opgelegde coronaboete. Verweerder wees de aanvraag aanvankelijk af, maar herzag dit besluit na bezwaar en kende alsnog de LAT toe. Eiser vorderde vergoeding van de proceskosten van de bezwaarprocedure, hetgeen verweerder weigerde omdat het primaire besluit niet was herroepen wegens aan hem te wijten onrechtmatigheid.
De rechtbank oordeelde dat eiser bij de aanvraag onvoldoende had gemotiveerd waarom een toevoeging vanwege zwaarwegende belangen gerechtvaardigd was, ondanks verwijzing naar een cursus over de Covid-19 noodverordening. Verweerder was daarom niet verplicht om eiser een gelegenheid te bieden de aanvraag aan te vullen en had het primaire besluit terecht niet herroepen wegens onrechtmatigheid.
De rechtbank stelde vast dat de toelichting van eiser in bezwaar wel leidde tot toekenning van de LAT, maar dat dit niet impliceerde dat verweerder de kosten van de bezwaarprocedure hoefde te vergoeden. Het beroep van eiser werd ongegrond verklaard en verweerder hoefde de kosten van de beroepsprocedure niet te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep is ongegrond verklaard en verweerder hoeft de proceskosten van de bezwaarprocedure niet te vergoeden.